Posts tonen met het label amsterdam. Alle posts tonen
Posts tonen met het label amsterdam. Alle posts tonen

1 december 2017

Razende Ronald

"50 euro. Weg. Hoe kan dat nou? Vanochtend gepind en nu is het weg." Ik kijk opzij om de man die bij de stem hoort te bekijken. Maar er is geen tijd. Want het is groen, dus we moeten fietsen.

De man fietst schuin achter me en blijft praten: "God, wat zonde toch. Misschien heeft de fietsenmaker niet genoeg wisselgeld gegeven. Maar dat kan hij nu niet zien, zei hij. Daarvoor moet hij de kas opmaken. En dat is pas vrijdag."
De man babbelt door over zijn onheil. Ik ga langzamer fietsen en kijk hem eens aan: zwarte muts, redelijk hippe bril, grijs haar en een vriendelijk gezicht. Zijn accent is Haags, of Rotterdams. Sorry, maar ik kan dat nooit goed uit elkaar houden.

Omdat hij er niet als een halve zool uitziet, besluit ik wat sympathie te tonen. "Dat komt vast goed, met die 50 euro. Die is echt niet zomaar uit uw portemonnee gevallen hoor." De man gaat verder: "En ik heb het al zo druk vandaag. Ik ben al in Noord geweest, en in Oost om mijn computer weg te brengen. Want die deed het zo slecht. Ik werd er gek van. Terwijl de verbinding wel goed is hoor, maar hij deed de meest vreemde dingen. God, wat een drukke dag."

Ik ben ook druk en op weg naar een afspraak, maar blijf toch nog even naast deze wat aparte, maar niet onaardige man fietsen. "En het is zo koud, veel te koud om gitaar te spelen." Ik zeg: "Speelt u dan buiten gitaar?"
Ik heb zijn kern geraakt. Want de man gaat nog sneller en enthousiaster praten: "Ja Razende Ronald ben ik, muzikant, troubadour, singer/songwriter. Ik zing en speel ook gitaar, al jaren. Elke dag op de pont."

Precies op dat moment fietsen we langs de pontjes bij het station. Ronald moet mee en onze wegen scheiden zich. "Tot ziens op de pont misschien!" roep ik hem na.

Even Googelen en ik vind Ronald. Hier op een foto in het Parool.

25 oktober 2017

Fixie

Een grauwe ochtend. Toch steekt dit stalen paardje fel af tegen zijn grijze omgeving. Behalve de kleur, is ook de naam van dit fietsje vrolijk: fixie. Of nog leuker eigenlijk, en mag ook: fiksie. Een 'fixed-gear bike' heeft geen versnellingen en geen remmen. Het idee: back to basic voor het ultieme fietsgevoel. Mocht de eigenaar in zijn pure geluksmomentje met deze doortrapper op hol slaan, zie je 'm in ieder geval op tijd aankomen.

Geen versnellingen en geen remmen.

9 december 2015

Klaas

Dit is Klaas. Met zijn fiets - inclusief container aan de achterkant - heeft hij altijd zijn inboedel bij zich. Op het stuur wijzen een paar pluchen knuffels de weg. Zijn huis (lees: tent) staat op een veldje naast camping Zeeburg. Ik had hem al een paar keer verwonderd nagekeken toen ik hem de fiets over mijn plein zag duwen. Want fietsen, dat kun je er dus niet mee. Toen ik het gevaarte tegen een bankje zag staan, besloot ik het even op de foto te zetten. Klaas wilde ook graag op de foto, wel tegen een kleine bijdrage natuurlijk.

25 juli 2014

Nieuw boek

Lange rijen, hoge stapels boeken. Overal waar je kijkt. Ik lees wat achterflappen. Een dik zwaar boek, de schrijfster ken ik nog niet. Ik sla het open. Laat de pagina's langs mijn duim gaan. De geur van drukinkt. Ik houd er zo van. Ga vaak puur voor de lol naar een boekwinkel. Zelfs als ik op reis ben. Kijken, ruiken, lezen. Daar kan toch geen Bol.com tegenop? Hoera voor het levende boek!

The English Bookstore, Kalverstraat.

14 juni 2012

Terug van Weggeweest

Ik ben Terug van Weggeweest. Van Ver Weggeweest. Van Heel Ver Weg. Van Afrika. Van Egypte, Soedan, Ethiopië, Kenya, Tanzania, Malawi, Zambia, Botswana, Namibië en Zuid Afrika. Ik heb gefietst; van Caïro naar Kaapstad, dwars door deze 10 landen heen. Met de wind in de haren, de vaak hete zon op mijn bol. Door woestijnen, bossen, bergen en dorpen. En langs mensen, heel veel mensen. Die mij allemaal vriendelijk en soms minder vriendelijk begroetten, met hun prachtige witte lach. Fietsen door Afrika. Ik zal het nooit vergeten.

En nu ben ik Terug. Terug in Nederland, Terug in Amsterdam. Waar ik fiets door de stad, met de wind in mijn haren en de zon op mijn bol. Door drukke straten, langs grachten en kanalen. En langs mensen, heel veel mensen. Die soms vriendelijk en soms minder vriendelijk zijn, vooral als het regent. Fietsen door Amsterdam. Maar in gedachten ben ik nog Weg. Ver Weg in Afrika.

Meer lezen over mijn Afrikaanse avonturen? Bekijk mijn blog Tour d'Afrique 2012.

Malawi.

11 november 2011

11-11-11


Vandaag heb ik in Amsterdam een stukje Brabant ontdekt. Een stukje van het dorp waar ik getogen ben. En het staat gewoon bij mij om de hoek, in het park. Al jaren zelfs, maar ik had het tot nu toe helemaal niet gezien.

Het is een beeld van een bokkenrijder. De bokkenrijders waren een middeleeuwse club dieven en plunderaars, die heel Brabant onveilig maakten. Wat dit met mijn oude dorp te maken heeft? Met carnaval krijgen alle steden en dorpen een andere naam. Mijn oude dorp heet dan Bokkendonk. Tada! Zie daar de connectie met de bronzen bokkenjongen in het park.

En laat het nu vandaag toch 11-11-11 zijn. Gekkenhuis! In Brabant dan. Want daar barst vandaag het carnavalsseizoen los. Voor wie van boven de rivieren komt, zal het een worst wezen. Maar ik krijg bij het woord alleen al een kleine kriebel in mijn buik. Aangewakkerd door visioenen van cafés en straten vol met blije mensen, die meedeinen op de hoempapamuziek, uitgedost in alle kleuren van de regenboog, proostend op het leven en op elkaar. 

De bokse rijder in het park kijkt triest. En zijn rijdier trouwens ook. Alsof ze zich toch niet helemaal op hun plek voelen, in dit park in Amsterdam. De afgelopen tijd maakte ik er af en toe een wandeling. Omdat ik me ook even niet zo lekker voelde, hier in Amsterdam. Die grote stad. Waar alles kan en alles mag. Waar je je groot, maar soms ook heel klein kunt voelen.

En dan komt ook het verlangen even terug. Naar het oude en vertrouwde. Naar vroeger. En vandaag, naar het mooie feestje carnaval. Waar alles kan en alles mag. Want je kunt het meisje wel uit Brabant halen, maar je krijgt Brabant niet uit het meisje. Alaaf!



5 mei 2011

Puber

Ze bleven even stilstaan voor de etalage. Moeder en puberzoon, hand in hand. Ik keek eens goed. Hij was een stoere, vlotte jongen. Met een mooie bos zwarte krullen. De moeder gewoontjes, in ieder geval niet erg hip. Was hij soms slechtziend? En moest zijn moeder hem de weg wijzen? In de winkel vielen de handen los en kozen moeder en zoon ieder een kledingrek om in te neuzen. De jongen had dus helemaal geen handicap.

Ik dacht aan mijzelf, als puber. En aan mijn vader. Die op een ochtend had voorgesteld om met me mee naar de stad te fietsen. Ik zat er op school, hij werkte er en ging vandaag met de fiets. ECHT NIET! Ik ging toch niet NAAST mijn VADER fietsen. En zeker niet ‘s ochtends, als de weg vol was met fietsende en brommende leeftijdgenoten. Zoals ik ook niet met mijn moeder de Zeeman of de Wibra in ging. Dat was gewoon ‘voor schut’, zoals we dat in Brabant noemden. Punt.

Mijn vader vertrok braaf vijf minuten voor mij. Jaren later werd hem eens gevraagd hoe ik was als puber. Zelf was ik het voorval natuurlijk helemaal vergeten. Maar hij had die eenzame fietstocht, met zijn dochter op vijf minuten achter hem, altijd onthouden. Jemig. Had ik dat geweten, dan was ik ECHT WEL naast hem gaan fietsen.

2 mei 2011

Handgebaar

Voor mij op het terras zat een vrouw die tijdens het praten veel gebaren gebruikte. Soms maakte haar hand een draaiende beweging, waarmee ze het tempo leek op te voeren. Om vervolgens een punt te maken met een korte karatetik. Prachtig.

Gesticuleren. Eigenlijk best een lelijk werkwoord, dat eerder iets met geslachtsdelen van doen lijkt te hebben. Hoe dan ook, ik vind het vaak o zo mooi om naar te kijken. Handen die meedeinen met het ritme van een zin. Alsof de spreker zichzelf dirigeert bij het praten. Of vingers die aftellen, omdat er een aantal belangrijke punten wordt gemaakt. Ik ben geneigd te denken dat mensen die vanuit hun hart praten, veel gesticuleren. Ze willen zo graag hun boodschap overbrengen, dat ze die onbewust met gebaren kracht bij zetten.

Maar zelf ‘praat’ ik helemaal niet zo veel met mijn handen. Die liggen meestal werkeloos op tafel, verstoppen zich in mijn broekzakken of klampen zich vast aan een beker of glas. Toch schijnen daar ook voordelen aan te zitten, zo blijkt uit onderzoek. Bijvoorbeeld tijdens een sollicitatiegesprek. Of in mijn geval als zzp’er: een acquisitiegesprek. Te veel handgebaren maken de beoordelaars onrustig. Gelukkig, ik schijn dus in ieder geval rust uit te stralen. Maar dat vind ik natuurlijk ontzettend saai. Ik ga oefenen. En begin met de karatetik.